Winnaars schrijfwedstrijd Goudenboekenmiddag

Gepubliceerd op: 11 mei 2026 12:38

Tijdens de Goudenboekenmiddag op 22 april in DOK Voorhof, kozen de DOK designers jeugd de winnaars van de schrijfwedstrijd. De winnende verhalen lees je hier!

Der verwoeste onderstad door Giuseppe

Het begon op de ochtend van 2 juli 2050. Regen geselde het land. Mensen, verscholen onder dikke dekens en lappen, luisterden met ingehouden adem naar de radio. ‘Denkt u dat de oorlog met het Duitse Rijk stopt?’ vroeg interviewer Karel Minus.
‘Nee,’ antwoordde de stem. ‘Nee.’
Die twee woorden joegen een ijzige angst door de straten. Tien dagen later, toen de stroomstoring eindelijk was verholpen, trilde de dam van Maasdam onder de banden van honderden fietsers. Joris Dam, de zoon van de burgemeester, trapte stevig door. Overal wapperden de groene vlaggen van de SOL, de partij die net de verkiezingen had gewonnen. Zelfs de rector van de Prinsendam droeg een groen jasje. Joris vond het maar een ‘Idiotendam’.
Tijdens de wiskundeles van meneer Van Fryslân veranderde alles.
‘Wie weet wat er gebeurt als ik dit getal naar boven afrond?’ vroeg de meester.
Joris stak zijn vinger op, maar zijn antwoord werd weggevaagd door een oorverdovende dreun. Glas regende over de tafels. Soldaten met de adelaar van het Duitse Rijk op hun uniform bestormden de school. Joris dook weg achter het bureau van de meester, die met een doffe klap levenloos ter aarde stortte. Toen hij de klas uit glipte, zag hij de hel. De gangen roken naar brandend beton en angst. Joris greep zijn fiets en vluchtte de dam op. In de verte zag hij het: een enorm oorlogsschip. Met een flits schoot het schip gigantische granaten af. Joris wierp zich op de grond vlak voordat de dam onder hem bezweek. Hij zag auto’s en fietsers meegesleurd worden door de woeste Maas. Maar Joris had een geheim. Hij wist dat zijn vader in het hoofdkwartier werkte, aan de rand van de school. In de schaduw van de ravage vond hij het luik. Met trillende vingers stak hij de sleutel in het slot van de geheime tunnel. Druppels koud water vielen op zijn nek terwijl hij rende voor zijn leven. Net toen hij aan de overkant uit de tunnel sprong, volgde een enorme explosie. De tunnel stortte achter hem in. Joris bleef liggen, happend naar lucht. Hij voelde zijn hart bonzen, maar aan zijn linkeroor hoorde hij niets meer dan een suizende stilte. De stad beneden hem was weg, opgeslokt door de rivier. Hij leefde nog, maar de wereld was voorgoed veranderd. Nu zat hij in Wijk-Maastricht. Twintig jaar geleden nog een stad. Maar er werd een dam gebouwd, die de Maas tegenhield, en zo werd de stad groter, omdat er daar ook huizen werden gebouwd. Maar nu… kapot. De grond onder Joris werd modder, en de wolkenkrabber waar de burgemeester werkte zakte ook. Toen viel het in de rivier en werd het meegesleurd door de machtige rivier.

Anna en de mysterieuze brief - Jolien Abeel (8)

Anna loopt door het park vlak bij haar huis. Blij kijkt ze uit naar morgen. Dan is ze jarig, en wordt ze 10.
Op een bankje vindt ze een envelop met een groot vraagteken. Voor wie zou de brief zijn? Ze ziet niemand, alleen een zwarte auto.
Ze maakt de brief open. “Kijk in de holte van de grote boom”. Iets verderop staat de grootste boom van het park. Bedoelen ze die?
Ze gaat naar de boom. Als ze op haar tenen staat, kan ze net bij de holte, en ze voelt iets. Het is een kluisje! Wie heeft dat hier verstopt, en waarom? Is dit het werk van een boef?
Ze probeert de kluis te openen, maar hij zit op slot.
Misschien moet ze de kluis naar de politie brengen? De zwarte auto van daarnet rijdt nog eens langs. Ze weet niet goed waarom, maar ze verstopt zich. Misschien zijn dit wel de boeven!
Ze kijkt opnieuw naar de kluis. Aan de onderkant vindt Anna een briefje. “Wie graaft, die vindt”. Met een plattegrond van de speeltuin in het park. Bij de tweede schommel staat een kruis.
Anna heeft genoeg avonturenboeken gelezen om te weten wat ze moet doen. Ze rent naar de tweede schommel, en ze begint te graven. Ze vindt een doosje met daarin een sleutel. Yes! Die heeft ze nodig voor het kluisje.
Net wanneer ze het kluisje open wil maken, rijdt de zwarte auto weer voorbij. Dat is verdacht. Ze achtervolgt de auto. Als ze de schat en de boeven allebei vindt, krijgt ze misschien een beloning van de politie!
De auto stopt in de straat van Anna. Anna verstopt zich achter een andere auto. Uit de auto stapt Eline, het nieuwe meisje uit Anna’s klas. Anna schrikt. Is Eline de boef?
Eline belt bij Anna aan, en Anna’s moeder laat Eline binnen. Nu snapt Anna er helemaal niets meer van. Anna heeft de kluis nog steeds vast, en maakt hem open. Ze vindt een briefje met daarop: Gefeliciteerd! Ga maar gauw naar huis voor je verrassingsfeestje!
Snel loopt ze naar de deur en belt aan. De deur gaat open, en ze ziet niemand. Behalve 1 groot cadeau. Al haar vrienden springen uit de doos en roepen “Verrassing!”.
Mama zegt: “Papa en ik hebben de brieven en het kluisje verstopt. Vond je het een leuke speurtocht?”
“Jaaa!” Zegt Anna. Maar ik snap nog niet waar die zwarte auto de hele tijd vandaan kwam?
Eline zegt: “Öh, sorry. Dat waren wij. Mijn vader kent hier nog niet zo goed de weg.”
Anna en Eline lachen, en daarna maken ze er samen een gezellig feest van!